de Ziektewet (ZW)

De Ziektewet is een zogeheten vangnetvoorziening. De wet zorgt ervoor dat zieke werknemers die geen loon krijgen toch een inkomen hebben. Zieke werknemers met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd krijgen hun loon doorbetaald tot het einde van het contract en zieke werknemers met een vaste arbeidsovereenkomst krijgen hun loon twee jaar doorbetaald

op deze pagina

    premie en uitvoering Ziektewet

    Werkgevers betalen een gedifferentieerde premie voor de Ziektewet. De hoogte van deze premie is afhankelijk van de schadelast van het aantal zieke tijdelijke krachten die als gevolg van het einde van hun dienstverband instromen in de Ziektewet. Vooral werkgevers die veel tijdelijke werknemers in dienst hebben, betalen daardoor een hogere Ziektewetpremie.

    De Ziektewet wordt uitgevoerd door UWV. Een werkgever kan er ook voor kiezen de Ziektewet zelf uit te voeren. De werkgever wordt dan eigenrisicodrager ZW. Dat houdt in dat de werkgever de Ziektewetuitkering namens het UWV vaststelt en uitbetaalt. Hij is bovendien verantwoordelijk voor de re-integratie. Een eigenrisicodrager ZW heeft maximale invloed op zijn eigen schadelast.

    recht op een ZW-uitkering

    Recht op een uitkering op grond van de Ziektewet geldt in het algemeen voor de zogeheten ‘vangnetters’:

    • uitzendkrachten zonder een vast contract met het uitzendbureau (‘uitzendkracht met uitzendbeding’)
    • oproep- en invalkrachten
    • thuiswerkers, musici en artiesten
    • zieke werknemers van wie het (tijdelijke) arbeidscontract tijdens de ziekte afloopt
    • werklozen die langer dan dertien weken ziek zijn
    • vrijwillig verzekerden
    • mensen die binnen vier weken na het einde van de verzekering ziek worden (nawerking)
    • AOW-gerechtigden die (zijn blijven) werken en na 1 januari 2016 ziek zijn geworden (gedurende dertien weken)

    Sommige werknemers vallen automatisch onder de Ziektewet. De werkgever krijgt dan ziekengeld van UWV om het loon door te betalen. Dit is het geval bij:

    • orgaandonoren die door de donatie ziek zijn
    • zwangere of net bevallen vrouwen die als gevolg van de zwangerschap of bevalling ziek zijn
    • werknemers die onder de no-riskpolis vallen

    Wie ziek wordt en geen werkgever heeft, moet zich ziek melden bij UWV. Hiermee vraagt men automatisch een Ziektewetuitkering aan.

    vrijwillige verzekering Ziektewet

    Wie geen recht heeft op een Ziektewet-uitkering, kan zich – wanneer wordt voldaan aan bepaalde voorwaarden –  vrijwillig verzekeren voor de Ziektewet. Dit zijn bijvoorbeeld startende zelfstandigen en mensen die in het buitenland gaan werken.

    hoogte ZW-uitkering

    Volgens de Ziektewet is de hoogte van de uitkering 70% van het dagloon (maximaal € 207,60). Bij zwangerschap en orgaandonatie bedraagt de hoogte van de uitkering 100% van het eigen dagloon (en maximaal € 209,26). Voor sommige verzekerden (zoals vangnetters – zie hierboven) bestaat pas vanaf de derde ziektedag recht op ziekengeld. De eerste twee dagen zijn dan zogeheten ‘wachtdagen’. Zieke werknemers, die (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt zijn en vallen onder de no-riskpolis krijgen een uitkering gebaseerd op het percentage dat de werkgever volgens cao-afspraken aan loon moet doorbetalen tijdens ziekte. Na 52 weken bedraagt het uitkeringspercentage altijd 70%.

    duur Ziektewet-uitkering

    De ZW-uitkering wordt uitbetaald tot het moment dat men 104 weken achter elkaar ziek is geweest. Voor het bepalen van deze 104 weken worden ziekteperioden die elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen bij elkaar opgeteld. Ook de ziekteperioden voor en na de zwangerschaps- en bevallingsuitkering (WAZO) worden samengeteld als de ziekteoorzaak voor en na het verlof hetzelfde is. 

    aanvraag WIA-uitkering

    Is men na twee jaar nog steeds arbeidsongeschikt, dan kan de werknemer 13 weken voor het einde van de ZW-uitkering een WIA-aanvraag doen bij UWV. UWV beoordeelt of de werknemer in aanmerking komt voor een WIA-uitkering. Voordat UWV aan de WIA-aanvraag toekomt wordt eerst beoordeeld of de werkgever voldoende re-integratie inspanningen heeft verricht tijdens de twee ziektejaren van de werknemer. Is dat niet het geval, dan legt UWV de werkgever een loonsanctie op. Dit houdt in dat de werkgever het loon van de zieke werknemer maximaal 52 weken langer moet doorbetalen.

    Voor degenen die geen werkgever hebben, gelden andere regels. Aan het einde van het eerste ziektejaar krijgen zij de zogeheten ‘Eerstejaars Ziektewet-beoordeling (EZWB). Er wordt dan beoordeeld of degene met passend werk meer dan 65% van het maatman-inkomen (het inkomen dat de persoon zou kunnen verdienen als hij niet ziek zou zijn geworden) zou kunnen verdienen. Is dat het geval, dan wordt de uitkering beëindigd.

    AOW’ers

    Degenen die de AOW-leeftijd hebben bereikt en ziek worden, krijgen gedurende maximaal dertien weken een ZW-uitkering. Dit geldt niet voor degenen die tijdens ziekte de AOW-leeftijd bereiken. De Ziektewetuitkering eindigt dan bij het bereiken van die leeftijd.