minimumloon

Volgens de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML) moeten werkgevers hun werknemers ten minste een minimumsalaris betalen: het wettelijk (bruto)minimumloon. De hoogte van dit minimumloon is afhankelijk van leeftijd, arbeidsduur en aantal arbeidsuren.

op deze pagina

    hoogte minimumloon

    Het minimumloon wordt in principe tweemaal per jaar aangepast aan de ontwikkeling van de cao-lonen, op 1 januari en op 1 juli. Sinds 1 juli 2017 is de leeftijdsgrens voor het wettelijk minimumloon omlaag gegaan van 23 naar 22 jaar. Voor een werknemer van 22 jaar of ouder bedraagt het brutominimumloon per 1 juli 2017:

    • per maand: € 1.565,40
    • per week:  € 361,25
    • per dag:  € 72,25

    hoogte minimumjeugdloon

    Werknemers van 15 tot en met 21 jaar hebben recht op een deel van het minimumloon: het minimumjeugdloon.

    brutominimumjeugdlonen per 1 juli 2017

    De Eerste Kamer heeft de wet Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML) herzien. Als gevolg daarvan wordt de leeftijdsgrens voor het minimumjeugdloon in stappen verlaagd van 23 naar 21 jaar. De eerste stap is per 1 juli 2017 gezet. Jongeren vanaf 22 jaar verdienen met ingang van die datum hetzelfde minimumloon als volwassenen van 23 jaar en ouder. Ook het loon van jongeren van 18, 19 en 20 zal de komende jaren meestijgen. Dit om het risico te beperken dat de verschillende leeftijden een rol gaan spelen bij het aannemen van mensen. Werkgevers krijgen per 1 januari 2018 een compensatie voor deze verhoging: de tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon (jeugd-LIV).

     

    veranderingen minimumjeugdloon

    Het verhoogde minimumjeugdloon voor 18- tot en met 20-jarigen geldt niet als een mbo’er bij een leerwerkplek heeft in het kader van de Beroepsbegeleide Leerweg (bbl). Deze werknemers behouden het minimumjeugdloon zoals het was. Als de mbo’er 21 of 22 jaar is, krijgt hij wel het bijbehorende minimumjeugdloon zoals dit in de eerste tabel staat.

    onderbetaling

    Betaalt de werkgever een werknemer minder dan het minimumloon, dan overtreedt hij de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML). Een werknemer heeft vijf jaar de tijd om te eisen dat de werkgever het achterstallige loon en vakantiegeld alsnog betaalt. De onderbetaalde werknemer kan hiervoor naar de kantonrechter stappen of een klacht indienen bij de Inspectie SZW. De Inspectie SZW kan werkgevers die hun werknemers te weinig betalen direct een boete en een dwangsom opleggen. De boete per onderbetaalde werknemer kan maximaal € 12.000 bedragen.

    Op Rijksoverheid.nl staat een tool waarmee u het bedrag kunt berekenen dat een werknemer minimaal hoort te verdienen per maand, week, dag en uur. Voor een fulltime of parttime baan.

    Sinds 1 januari 2016 mag de werkgever op basis van de Wet aanpak schijnconstructies (WAS) het salaris niet meer volledig contant uitbetalen, en moet hij minimaal het salarisgedeelte dat gelijk is aan het netto equivalent van het wettelijk minimumloon giraal overmaken.
    Daarnaast gelden er per 1 januari 2018 nieuwe regels voor de betaling van stukloon. De nieuwe stukloonregels houden in dat werkgevers altijd minimaal het wettelijk minimumloon moeten betalen, ook als zij per geproduceerd of opgeleverd stuk betalen. Per 1 januari 2018 zullen ook nieuwe regels voor meerwerk (overwerk) ingaan.
    Tot slot gaat het wettelijk minimumloon ook gelden voor personen die tegen beloning arbeid verrichten op basis van een overeenkomst van opdracht (OVO), tenzij het gaat om mensen die fiscaal als ondernemer beschouwd worden. Een OVO is een overeenkomst waarbij iemand een opdracht aanneemt van de opdrachtgever. Die opdracht moet het verrichten van werkzaamheden inhouden.