de uitzendovereenkomst

De uitzendovereenkomst is volgens de wet een bijzondere arbeidsovereenkomst tussen het uitzendbureau en de flexwerker. Het bijzondere van deze arbeidsovereenkomst is dat er drie partijen bij betrokken zijn: de flexwerker wordt door het uitzendbureau (de uitlener) ter beschikking gesteld van een andere werkgever (de inlener) om onder leiding en toezicht van die inlener werkzaamheden te verrichten.

op deze pagina

    Het Burgerlijk Wetboek voorziet in een specifieke regeling voor uitzendovereenkomsten. Deze regeling komt erop neer dat flexwerker en uitzendbureau gedurende de eerste 26 weken waarin de flexwerker voor het uitzendbureau werkt een onbeperkt aantal overeenkomsten kunnen sluiten. Bovendien mogen zij afspreken dat al deze overeenkomsten automatisch eindigen als de inlener de overeenkomst met het uitzendbureau beëindigt (het zogenoemde ‘uitzendbeding’). Na een periode van 26 weken gaat de normale regeling voor arbeidsovereenkomsten gelden, tenzij bij cao anders is bepaald. Vanaf 1 januari 2015 mag de periode van 26 weken bij cao worden verlengd tot maximaal 78 gewerkte weken. Voorheen kon dit nog onbeperkt.

    CAO voor Uitzendkrachten: de uitzendovereenkomst

    In de CAO voor Uitzendkrachten staat dat de periode waarin de flexwerker en het uitzendbureau een onbeperkt aantal overeenkomsten mogen sluiten (fase A) 78 weken duurt (in plaats van de wettelijke periode van 26 weken). Ook is in deze cao afgesproken dat na die eerste periode maximaal zes uitzendovereenkomsten in een periode van vier jaar mogen worden aangegaan (fase B), zonder dat dit automatisch leidt tot een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (fase C). Tot 1 juli 2015 mochten er nog acht opvolgende overeenkomsten in twee jaar tijd worden gesloten, maar dit is met de inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid (Wwz) gewijzigd.

    fasensysteem

    Het fasensysteem is een systeem waarbij de flexwerker meer rechten en betere (ontslag)bescherming krijgt naarmate hij langer als flexwerker werkt. Het systeem is vastgelegd in de CAO van Uitzendkrachten en bestaat uit drie fasen:

    • fase A – de eerste 78 weken waarin de flexwerker voor het uitzendbureau werkt
    • fase B – de periode van vier jaar waarin de flexwerker maximaal zes uitzendovereenkomsten met het uitzendbureau aangaat
    • fase C – de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd

    fase A: 78 gewerkte weken

    De flexwerker doorloopt fase A in de eerste 78 weken dat hij voor een uitzendbureau werkt. Elke (kalender)week waarin hij werkt – of dat nu één uur of veertig uur is – telt mee voor die 78 weken. Bij een onderbreking van meer dan 6 maanden begint de telling opnieuw.

    • uitzendbeding
      In fase A wordt gewerkt op basis van een overeenkomst met ‘uitzendbeding’, tenzij uitdrukkelijk een ‘gewone’ arbeidsovereenkomst voor bepaalde of onbepaalde tijd is gesloten. Een uitzendovereenkomst met uitzendbeding eindigt steeds automatisch (van rechtswege) wanneer de uitzending op verzoek van de inlener wordt beëindigd of wanneer de flexwerker wil stoppen met werken. Ook bij ziekte van de flexwerker eindigt de uitzendovereenkomst met uitzendbeding automatisch.
    • aanzegtermijn
      Het uitzendbureau moet de flexwerker tijdig laten weten dat de uitzending stopt. Afhankelijk van de duur van de uitzending geldt hiervoor een termijn van kennisgeving van nul, vijf, tien of veertien kalenderdagen.
    • arbeidsvoorwaarden
      Na 26 gewerkte weken heeft een flexwerker van 21 jaar of ouder recht op opbouw van (basis)pensioen.
    • doorbetaling van loon
      In fase A heeft de flexwerker alleen recht op betaling van loon over de gewerkte uren, niet over de niet-gewerkte uren. De flexwerker en het uitzendbureau kunnen uitdrukkelijk schriftelijk anders overeenkomen.

    fase B: zes tijdelijke arbeidsovereenkomsten ofwel vier jaar

    Als de flexwerker direct na fase A of binnen zes maanden daarna weer uitzendwerk verricht bij hetzelfde uitzendbureau, komt hij in fase B.
    In fase B wordt gewerkt op basis van een of meer ‘gewone’ arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd (zonder minimumduur). Flexwerkers heten in fase B ook vaak gedetacheerden. Fase B duurt in principe vier jaar. Binnen die vier jaar kunnen maximaal zes overeenkomsten voor bepaalde tijd worden gesloten zonder dat dit leidt tot een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Al deze overeenkomsten voor bepaalde tijd eindigen automatisch (van rechtswege) aan het einde van de afgesproken periode.

    Onderbrekingen tussen overeenkomsten tellen mee voor de periode van vier jaar. Duurt een onderbreking meer dan zes maanden, dan begint de telling weer bij fase A.

    • arbeidsvoorwaarden
      Flexwerkers van 21 jaar en ouder die in fase B zitten, nemen verplicht deel aan de Plusregeling pensioen.
    • doorbetaling van loon
      De flexwerker heeft tijdens de arbeidsovereenkomst recht op doorbetaling van ten minste 90% van zijn laatstverdiende loon over het afgesproken (minimum-)aantal uren, ook als er even geen werk is. Hij moet op zijn beurt wel passende arbeid accepteren. Weigert de flexwerker dit, dan vervallen zijn rechten op vervangend werk en op doorbetaling van loon.

    fase C: onbepaalde tijd

    Als de flexwerker na fase B binnen zes maanden doorgaat met werken voor hetzelfde bureau, komt hij in fase C. Hij komt dan automatisch voor onbepaalde tijd bij het uitzendbureau in dienst. In dat geval kan de arbeidsovereenkomst niet zomaar beëindigd worden.

    • arbeidsvoorwaarden
      Flexwerkers van 21 jaar en ouder die in fase B of C zitten, nemen verplicht deel aan de Plusregeling pensioen.
    • doorbetaling van loon
      In fase C geldt hetzelfde als in fase B: als een opdracht wegvalt, heeft de flexwerker recht op ten minste 90% van zijn laatstverdiende loon over het afgesproken aantal uren. Hij zal zich op zijn beurt flexibel moeten opstellen en passende werkzaamheden moeten accepteren. Bedraagt het loon in een nieuwe opdracht minder dan het laatst geldende loon in de vorige opdracht, dan heeft de flexwerker gedurende de eerste dertien weken van die nieuwe opdracht recht op een persoonlijke toeslag tot 100% van het laatst geldende loon.