opzegtermijn van flexwerkers

De inlener heeft bij het beëindigen van de opdracht een opzegtermijn richting het uitzendbureau. Doorgaans is die opzegtermijn vijftien kalenderdagen. In sommige gevallen (zoals opdrachten voor bepaalde tijd) kan tussentijds helemaal niet worden opgezegd.

op deze pagina

    De flexwerker en het uitzendbureau kunnen beide besluiten de uitzendovereenkomst op te zeggen. Het kan ook zijn dat de inlener met de uitzending wil stoppen. Het uitzendbureau en de flexwerker moeten zich houden aan de opzegtermijn zoals opgenomen in de CAO voor Uitzendkrachten. Die termijn is afhankelijk van de aard en de duur van de uitzendovereenkomst.

    opzeggen in fase A

    Een flexwerker in fase A die werkzaam is op uitzendbasis (overeenkomst met uitzendbeding) mag op elk moment de uitzendovereenkomst opzeggen. Wel is hij verplicht het uitzendbureau tijdig (uiterlijk één werkdag van tevoren) te waarschuwen, zodat het uitzendbureau voor vervanging kan zorgen.

    Als de inlener de uitzending stopzet, eindigt de uitzendovereenkomst automatisch. Het uitzendbureau moet de flexwerker – voor zover mogelijk – wel tijdig waarschuwen dat de uitzending gaat eindigen.

    opzegtermijnen fase A

    Heeft de uitzendperiode twaalf weken of langer geduurd, dan gelden de volgende termijnen van kennisgeving:
    12 tot 26 weken – 5 dagen
    26 tot 52 weken – 10 dagen
    52 tot en met 78 weken – 14 dagen

    Lukt het niet om tijdig te waarschuwen, dan krijgt de flexwerker een vergoeding ter hoogte van het loon over de (resterende) termijn van kennisgeving uitbetaald. Het uitzendbureau mag in plaats daarvan ook passend werk aanbieden. Accepteert de flexwerker dit werk niet, dan vervalt zijn recht op vergoeding van de termijn van kennisgeving.

    Voor een flexwerker in fase A, die werkzaam is op basis van een ‘gewone’ arbeidsovereenkomst (zonder uitzendbeding), gelden dezelfde opzegtermijnen als voor een flexwerker in fase B of C. Tenzij het uitzendbureau (tijdelijk) geen loon uitbetaalt aan de flexwerker, omdat er geen passend werk voorhanden is. In dat geval geldt voor de flexwerker geen opzegtermijn.

    opzeggen in fase B (of gedetacheerd in fase A)

    Voor flexwerkers in fase B of degenen met een detacheringsovereenkomst in fase A gelden de volgende opzegtermijnen:

    • bij een overeenkomst voor bepaalde tijd van drie maanden of korter: 7 kalenderdagen
    • bij een overeenkomst voor bepaalde tijd van drie tot zes maanden: 14 kalenderdagen
    • bij een overeenkomst voor bepaalde tijd van zes maanden of langer: 28 kalenderdagen

    opzeggen in fase C

    Voor flexwerkers in fase C geldt een opzegtermijn van één maand, tenzij een afwijkende opzegtermijn is afgesproken.

    Voor het uitzendbureau geldt in bijna alle gevallen een opzegtermijn van één maand tegen de eerstvolgende werkdag.

    Bij een overeenkomst voor onbepaalde tijd geldt zowel voor de flexwerker als voor het uitzendbureau een opzegtermijn van één maand, tenzij (schriftelijk) een kortere of langere termijn is afgesproken. Opzegging kan steeds geschieden tegen iedere eerstvolgende werkdag (voor de uitzendonderneming geldt uiteraard: na verkregen toestemming van UWV).