flexwerkers

op deze pagina

    Werkgevers kiezen steeds vaker voor een flexibel personeelsbestand om soepel in te kunnen spelen op veranderende situaties. Flexwerkers zijn medewerkers die flexibel inzetbaar zijn.

    Een werkgever die flexwerkers inzet, noemen we een inlener. Flexwerkers zijn, in tegenstelling tot oproepkrachten, niet in dienst bij de inlener. Zij zijn in dienst van een uitzendbureau. De inlener betaalt het bureau een bepaald tarief. Het bureau zorgt voor de loonbetaling en de afdracht van loonheffing en sociale premies.

    uitzendwerk en detachering

    Bij uitzendwerk stelt een uitzendbureau een werknemer ter beschikking van de werkgever/inlener. Deze inlener houdt toezicht op en geeft leiding aan de flexwerker en beschikt over deze werknemer wanneer en zolang hij deze nodig heeft.

    Bij detachering is sprake van die vormen van uitzending waarbij de arbeidsovereenkomst tussen het bureau en de flexwerker niet automatisch eindigt als de inlener de opdracht beëindigt. De flexwerker (gedetacheerde) is meestal voor bepaalde tijd in dienst van het uitzend- of detacheringsbureau. In fase B en C heten flexwerkers daarom vaak ook gedetacheerden.

    CAO voor Uitzendkrachten

    Binnen de uitzendbranche zijn er twee cao’s: de cao van de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU) en de cao van de Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen (NBBU). Omdat Randstad lid is van de ABU gaan we hier alleen in op de bepalingen uit de CAO voor Uitzendkrachten van de ABU.

    In de CAO voor Uitzendkrachten wordt de rechtspositie van flexwerkers nader geregeld. Verder staan in deze cao bepalingen over onder andere beloning, kort verzuim, feestdagen, ziekte en ongeval, kostenvergoedingen, pensioen, scholing en vakantierechten.

    De CAO voor Uitzendkrachten wordt afgesloten door de ABU enerzijds en FNV Bondgenoten, CNV Dienstenbond, De Unie en de LBV anderzijds. Bij of na inschrijving bij het uitzendbureau krijgt iedere flexwerker de tekst van deze cao ter beschikking gesteld.

    CAO voor Uitzendkrachten 2012-2017

    De huidige CAO voor Uitzendkrachten is op 5 november 2012 van kracht geworden en loopt tot en met 4 november 2017. De belangrijkste wijziging ten opzichte van de vorige cao is dat flexwerkers met ingang van 30 maart 2015 vanaf de eerste dag een loon krijgen dat gebaseerd is op de beloningsregeling van de inlener. Voor een aantal specifieke groepen (zoals vakantiekrachten en werkzoekenden in het kader van de Participatiewet) voor een periode van 52 gewerkte weken (in bepaalde gevallen uit te breiden naar 104 weken) het ABU-loongebouw gehanteerd worden. De meest actuele versie van de CAO voor Uitzendkrachten staat op de website van de ABU .

    De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de CAO voor Uitzendkrachten 2012-2017 algemeen verbindend verklaard. Dit betekent dat vrijwel alle flexwerkers die in Nederland werken recht hebben op de arbeidsvoorwaarden volgens deze cao, tenzij de NBBU-cao van toepassing is. Ook is het mogelijk dat de minister voor een bepaalde ondernemings-cao dispensatie heeft verleend van de algemeenverbindendverklaring.

    de uitzendbranche

    Voor wat betreft de bemiddeling op de arbeidsmarkt speelt de uitzendbranche een belangrijke rol. Uitzendbureaus bemiddelen in flexibele banen aan flexwerkers, oproepkrachten, gedetacheerden en werklozen.

    Dit zegt de ABU (Algemene Bond Uitzendondernemingen), de grootste werkgeversvereniging binnen de uitzendbranche, daarover:
    “Arbeidsbemiddeling is de kernactiviteit van onze leden. Jaarlijks vinden 700.000 flexwerkers werk via de uitzendbranche. Samen realiseren zij 1,4 miljoen plaatsingen. Voor een aanzienlijke groep (29%) vormt de uitzendbranche een belangrijke opstap naar de arbeidsmarkt. Als uitzendwerk in Nederland niet zou bestaan, dan zou de werkloosheid vermoedelijk op een veel hoger niveau liggen.”

    Verschillende partijen zorgen samen voor een goede organisatie van de uitzendbranche.